developer.overheid.nl

Ontwikkelaarsportaal van de Nederlandse overheid

Ga naar hoofdinhoud

Wij waren op FOST 2026: een terugblik

· 16 minuten leestijd
Tom Ootes
Developer Advocate - developer.overheid.nl
Dimitri van Hees
Product Owner - developer.overheid.nl

"Frank Terpstra tijdens de plenaire opening." Frank Terpstra opende de API-track plenair.

Op 9 en 10 juni stonden wij twee dagen op FOST Amsterdam met onze eigen NL Gov-track. FOST (Future of Software Technologies) begon ooit als de wereldbekende API Days-conferentie, maar groeide uit tot een wereldwijd paraplu-event waaronder verschillende miniconferenties vallen; oprichter Mehdi Medjaoui maakte gekscherend de vergelijking van monoliet naar microservices. Naast API Days zelf vallen daar onder meer de conferenties van OpenAPI, JSON Schema, AsyncAPI, Green IO en deze editie dus ook wijzelf onder. Ons goedbezochte event bestond uit twee onderdelen: een API-track en een open source-track. Van ons eigen developer.overheid.nl-team betraden Dimitri, Tom, Frank, Floris en Joost het podium, samen met andere collega's uit binnen- en buitenland. Een terugblik op twee inspirerende dagen.

API-track

Nationale API-strategie en governance

Hoe bouw je een nationale API-strategie, en hoe krijg je organisaties mee zonder ze te dwingen? Die vraag liep als een rode draad door meerdere talks.

Dimitri van Hees blikte terug op acht jaar developer.overheid.nl. Het ontstond tijdens een bijeenkomst van de Europese Commissie in Italië, bedoeld om API-kennis tussen lidstaten uit te wisselen. Hier was Nederland het enige land dat met meer dan één organisatie aanwezig was; zowel Kadaster, CBS, BZK en de gemeente Amsterdam waren onafhankelijk van elkaar uitgenodigd om, bij gebrek aan een centrale IT-organisatie, de Nederlandse digitale overheid te vertegenwoordigen. Op diezelfde bijeenkomst ontmoetten ze Roberto Polli, wiens team toen al ver was met een eigen developer portal; developer.overheid.nl is mede op dat voorbeeld gebaseerd. Wat begon als een simpele lijst van overheids-API's, is inmiddels een kennisbank voor zowel consumenten als aanbieders. Omdat een formeel mandaat ontbreekt, werkt het platform via waarde toevoegen: vindbaarheid, gratis validatietools en beveiligingsscans. Het API-register accepteert alleen API's met een OpenAPI-specificatie, kent scores toe op basis van de API Design Rules en ondersteunt lifecyclemanagement. Recent toegevoegd: een Open Source Register op basis van publiccode.yml, notificaties via RSS en Slack, en experimenten met AI Agent Skills.

Roberto Polli, voorheen van het Dipartimento per la Trasformazione Digitale, was mede-verantwoordelijk voor de totstandkoming van de Italiaanse developer portal en API-strategie, precies het register dat Dimitri als inspiratie noemde. In een van zijn twee talks liet hij zien hoe die strategie tot stand kwam. Het oude SOAP-framework werkte prima voor grote instanties, maar met opstartkosten van zo'n 200.000 euro was het onbetaalbaar voor de meer dan 8.000 kleine gemeenten. De overstap naar een REST-vriendelijk framework was dus een kwestie van toegankelijkheid. De lockdown van 2020 maakte de urgentie zichtbaar, en daarna volgde een API Cloud waarin instanties verplicht hun API's publiceren en handmatige overeenkomsten zijn vervangen door digitale delegatie. Zijn vier randvoorwaarden voor succes: politiek commitment, technische expertise in de uitvoering, betrokkenheid bij internationale standaardisatie, en juristen die in het team zitten in plaats van op een aparte afdeling.

"Roberto Polli." Roberto Polli sprak over de Italiaanse API-strategie.

Frank Terpstra, die al jaren aan de Nederlandse API-strategie werkt, ging in een panel in gesprek met Dimitri en Janette Storm (Kadaster). Daar kwam het spanningsveld scherp naar voren: je moet een standaard eerst laten werken voordat je die verplicht stelt. Een "wall of shame" werkt averechts, want wie niet voldoet laat zich liever van de lijst halen dan zich aanpassen. Ook bleek dat je per doelgroep een andere taal moet spreken: beleidsmakers zoeken kostenbesparing, productmanagers willen klantcontact verbeteren en developers kijken naar concrete Design Rules en tooling. Mooie observatie: API's worden steeds vaker ingezet om het datakopieerprobleem bespreekbaar te maken bij bestuurders, een thema dat de krantenkoppen haalt. Tot slot klonk de roep om meer Europese coördinatie.

Tim van der Lippe (Logius) presenteerde de NLgov REST API Design Rules. Elke regel is gebaseerd op echte beslissingen van overheidsorganisaties waarvan inmiddels bekend is of ze goed of slecht uitpakten. Door de standaard, het API-register en analyses van API's in het wild samen te brengen, ontstaat een levende standaard die gevoed wordt door wat developers daadwerkelijk bouwen.

Schemas en semantische interoperabiliteit

Verschillende organisaties beschrijven dezelfde entiteit vaak op totaal verschillende manieren. Vier sprekers lieten zien hoe je daar met schemas en semantiek grip op krijgt. Over dit thema verschijnt binnenkort een aparte en uitgebreidere blogpost.

Tom Collins werkt voor de DVLA, de Britse instantie voor rijbewijzen en voertuigen, en beheert gegevens over zo'n vijftig miljoen voertuigen. Zijn oplossing voor teams die in silo's dezelfde begrippen anders definiëren, is het Schema Dictionary: een centraal Git-repository op basis van JSON Schema. De werkwijze is schema-first, het datamodel wordt via peer-reviews beoordeeld voordat er code is, en vanuit de centrale schema's worden automatisch code, documentatie, OpenAPI-contracten en testdata gegenereerd. Inmiddels gebruiken zo'n 450 repositories het systeem; bij het medische rijbewijsverlengingsproces, dat zes productteams overspant, steeg het percentage klanten dat het volledig digitaal kon doorlopen van 15 naar 100 procent. Ook hier gold "carrot rather than the stick". De aanpak is bewust puur structureel: de standaardisatie zit in de schema's zelf, zonder semantische laag eroverheen.

Dimitri constateerde dat overheids-API's veel meer delen dan ze hergebruiken. Geïnspireerd door het Schema Dictionary van de DVLA bouwt developer.overheid.nl daarom zelf aan een nationaal schema-register dat herbruikbare OpenAPI-componenten en JSON Schemas beschikbaar stelt als bouwstenen, met bijbehorende schema-ontwerpregels. Hij liet ook zien hoe zijn team eigen tooling en AI-hulpmiddelen inzet om een complete OpenAPI 3.1-specificatie met ingebedde JSON Schemas te genereren en valideren.

Ingo Simonis (Open Geospatial Consortium) draaide het perspectief om: niet de hoeveelheid data telt, maar de betekenis ervan. Een AI-agent faalt niet omdat hij data niet kan bereiken, maar omdat hij die niet betrouwbaar kan interpreteren. Niet-gedeclareerde eenheden, lokale categorieën en impliciete referentiesystemen zijn stuk voor stuk uitnodigingen om te raden, en raden op de semantische laag is waar hallucinaties ontstaan. Zijn stelling: organisaties die de AI-decade winnen, behandelen expliciete kennis als infrastructuur, niet als documentatie. De semantische gemeenschap lost dit probleem al dertig jaar op, merkte hij droog op, en de rest van de wereld arriveert nu pas aan de deur.

"Ingo Simonis." Ingo Simonis betoogde dat semantiek, niet de hoeveelheid data, bepaalt of AI-agents informatie betrouwbaar interpreteren.

Op precies die drempel stond de andere talk van Roberto Polli. JSON-LD bestaat allang; de echte brug zit in iets kleiners. Door een extensie als x-jsonld-context toe te voegen aan een OpenAPI-document leg je de link tussen een schema en zijn betekenis direct in de specificatie, en stapt de schema-first wereld door de deur die Ingo schetste. Elke data-eigenschap krijgt een URI die de exacte betekenis vastlegt, zodat Italiaanse data automatisch koppelt aan bijvoorbeeld Finse of Nederlandse standaarden zonder dat de onderliggende systemen veranderen. In Italië is dit al verplicht voor de publieke sector, ondersteund door centrale tools als api.gov.it (meer dan 12.000 publieke API's) en schema.gov.it (met een real-time conformiteitscore). De boodschap: maak van de standaard een shortcut, dan omarmen developers die vanzelf. Inmiddels hebben wij vanuit Nederland vervolggesprekken ingepland met onze Italiaanse en Britse collega's, het OGC en de Stelselcatalogus, om dit gezamenlijk aan te pakken.

Events en notificaties

Met de verschuiving naar Event-Driven Architecture groeit de behoefte aan standaarden voor ontkoppelde berichtstromen. Twee talks gingen hierop in, beide voortgekomen uit werkgroepen van het Kennisplatform API's.

Floris Deutekom presenteerde de stand van zaken van de AsyncAPI-werkgroep. AsyncAPI bouwt voort op OAS, is protocol-agnostisch (Kafka, RabbitMQ, HTTP en meer) en levert out-of-the-box tooling voor validatie, documentatie en codegeneratie. In twee praktijkgevallen, de Basisregistratie Ondergrond en Track & Trace van het Ministerie van Justitie, bleken conversietools betrouwbaarder en sneller dan handmatig werk. AsyncAPI heeft vooral meerwaarde bij ontkoppelde architecturen, een onbekend aantal consumenten of een-op-veel-communicatie, en de combinatie met CloudEvents biedt een uniform kader. Floris is over AsyncAPI een serie blogposts aan het schrijven, en de eerste staat al online.

Lees hier alle posts van Floris over AsyncAPI

"Floris Deutekom." Floris Deutekom presenteerde de stand van zaken van de AsyncAPI-werkgroep.

Danny Greefhorst (BZK/ICTU) plaatste notificaties in de context van een dataspace voor de Nederlandse overheid, waarin dataproviders en consumenten rechtstreeks met elkaar interacteren op basis van rulebooks, met data bij de bron als kernprincipe. De voorkeur gaat uit naar informatie-arme notificaties die naar de bron verwijzen, wat beveiliging en dataminimalisatie bevordert. Van de drie patronen, polling, directe notificatie en een event broker, is voor de Nederlandse overheid met potentieel 1.600 organisaties alleen de broker schaalbaar genoeg. CloudEvents vormt de standaard voor de metadata, inclusief een Nederlands profiel. De grootste uitdaging ligt overigens niet in de techniek, maar in de organisatorische bereidheid om events daadwerkelijk te delen.

Updates uit andere werkgroepen

Naast AsyncAPI en notificaties deelden ook andere werkgroepen van het Kennisplatform API's hun voortgang.

Joost Farla trekt de nieuwe werkgroep Historie, die zich richt op het omgaan met bitemporaliteit in API's bij de overgang van Nederlandse registraties van EBMS en StUF naar moderne REST API's. De meeste API's kennen alleen de staat van nu, terwijl de werkgroep twee tijdlijnen onderzoekt: geldigheidstijd (wanneer was iets waar in de werkelijkheid) en transactietijd (wanneer is het vastgelegd). Zo wordt een vraag mogelijk als: wat was de weersverwachting voor zaterdag, zoals we die gisteren kenden? De werkgroep verkent oplossingsrichtingen als append-only in plaats van overschrijven, opvragen op tijdcoördinaten met parameters als validAt en recordedAt, en idempotentie via idempotency keys. Er speelt ook een spanning met de AVG, want append-only botst met het recht om vergeten te worden; een verkende oplossing is crypto-shredding, waarbij niet de data maar de encryptiesleutel wordt vernietigd. De kernboodschap: historie is een functionele eis, geen bijproduct. Over dit onderwerp volgt binnenkort een aparte en uitgebreidere blogpost.

"Joost Farla." Joost Farla sprak namens de nieuwe werkgroep Historie over bitemporaliteit in API's.

Frank gaf daarnaast een update vanuit de werkgroep rond access control. Binnen de publieke sector bestaan best practices voor toegangscontrole bij API's, en de huidige best practice, de module access control van de API Design Rules, is door de werkgroep herzien. Frank lichtte toe wat er is veranderd en kondigde aan dat er een publieke consultatie van start gaat. Wie meer wil weten of wil meedenken, kan via die consultatie bijdragen.

API's in de praktijk

Drie talks lieten zien hoe overheids-API's op grote schaal in de praktijk werken.

Janette Storm (Kadaster) liet zien hoe de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), een van de meest gebruikte dataregistraties van de Nederlandse overheid, meegroeide met de API-wereld. Vóór 2009 had elke gemeente een eigen adresregistratie, sindsdien is er één centrale registratie waarvan gemeenten het onderhoud blijven doen. De eerste BAG API verscheen in 2019 bijna per toeval, uit een proof-of-concept met linked data, en won meteen de Gouden API-award. Opvallend was het adoptieprofiel: private partijen als TomTom en Esri stapten snel over, terwijl overheden langer vasthielden aan XML. De slimste zet was het oplossen van de puzzel voor de gebruiker: in plaats van losse objecten die je zelf moet samenvoegen, biedt een kant-en-klaar adreseindpunt nu 90 procent van het gebruik. Binnenkort volgt een overstap naar de PDOK Locatie API met betere ondersteuning voor historische data.

Die overstap sluit aan bij het verhaal van John Schaap (Kadaster) over PDOK (Publieke Dienstverlening Op de Kaart), het nationale geodataplatform met meer dan 200 datasets, bijna 300 API's en diensten en miljoenen requests per dag. De uitdaging: complexe, heterogene geo-data toegankelijk én bruikbaar maken voor moderne applicaties. Data ontsluiten is niet genoeg; developers hebben snelle, consistente en intuïtieve API's nodig. John deelde de ontwerpprincipes achter PDOK's OGC API's en de PDOK Locatie API, waarmee PDOK evolueerde van traditionele geoservices naar een modern API-ecosysteem met vector tile-visualisatie en slimme zoekmogelijkheden.

Bart Huijbers (Kadaster) opende ten slotte de motorkap van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Sinds 1 januari 2024 voegt de Omgevingswet tientallen wetten rond ruimtelijke ordening, milieu, natuur en water samen, en het DSO is de ICT-ruggengraat daaronder, van publicatie van regelgeving tot vergunningchecks en vergunningaanvragen. Naar buiten toe is het één portaal, onder de motorkap een samenspel van componenten die via een reeks API's data uitwisselen. Aan de hand van concrete use cases liet Bart zien hoe die API's werken en welke afwegingen daarin zijn gemaakt.

Open source-track

De open source-track stipte uiteenlopende thema's aan, van digitale autonomie en wetgeving tot publiccode.yml en digitale democratie.

Digitale autonomie begint bij open source

Tom Ootes opende de open source-track plenair met een duidelijke boodschap: digitale autonomie begint bij open source. Een week voor FOST presenteerde Europa het Tech Sovereignty Package (3 juni 2026), met onder andere de Cloud and AI Development Act, Chips Act 2.0 en een nieuwe Europese Open Source Strategie. Centraal staat het begrip digitale commons: code en infrastructuur die collectief geproduceerd worden, vrij toegankelijk zijn en in het publiek belang onderhouden worden, terwijl Europees open source-werk nu nog onevenredig wordt uitgebuit door grote niet-Europese techbedrijven. Voor de Nederlandse overheid betekent dat technische volwassenheid: zelf open source kunnen bouwen, hosten en onderhouden, met platform-engineering als cultuur en samenwerking als norm via gedeelde design-systems, code.overheid.nl en gedeelde Kubernetes-clusters. Over AI was Tom scherp: LLM's en agentic AI helpen ons sneller coderen, maar vibe-coding voor productie keurt hij ten zeerste af en de ethische kant moet nog worden opgelost. Het goede nieuws: de urgentie en politieke steun zijn er, OSPO's schieten op binnen de overheid en developers staan te popelen.

"Tom Ootes." Tom Ootes opende de open source-track plenair.

Soevereine infrastructuur en wetgeving

Marlena van Ooijen (Logius) begon met een tegenstelling: sinds 2020 werkt het Ministerie van Binnenlandse Zaken aan open source-beleid, maar in de praktijk gebeurt overheidsontwikkeling nog grotendeels op GitHub. Steeds meer organisaties delen de overtuiging dat échte open source-samenwerking een gedeelde, soevereine omgeving vereist. Het antwoord is code.overheid.nl, een overheidsbrede git-forge op basis van Forgejo, nog in de pilotfase, waarvan de roadmap samen met de gebruikers wordt uitgewerkt.

August Bournique nam ons mee in de Cyber Resilience Act, de Europese wet die productveiligheid voor digitale producten, software inbegrepen, reguleert en in 2026 en 2027 gefaseerd in werking treedt. Hij gaf een kijkje achter de schermen bij het ontwikkelen van de eerste productgerichte softwarestandaarden voor de CRA. De wet is ambitieus en de implementatie nog onzeker; August lichtte de tijdlijn toe, en stond stil bij openstaande vraagstukken. Een grote misconceptie die August graag uit de lucht wilde halen was dat open source-contributers ook verantwoordelijk kunnen gehouden voor productie-implementaties van hun software, dit is uitdrukkelijk niet zo.

"August Bournique." August Bournique sprak over de Cyber Resilience Act.

publiccode.yml als standaard

Waar Dimitri eerder inzoomde op het API-register, koos Tom voor de open source-catalogus, die begin dit jaar volledig publiccode.yml-first is geworden en inmiddels meer dan 4.000 repositories van de hele Nederlandse overheid telt. publiccode.yml is een metadatastandaard uit 2018, actief onderhouden door developers.italia.it en de Europese Commissie. Het is een vlag die je in je repository plant zodat je project vindbaar wordt, gitforge-agnostisch en laagdrempelig, met catalogi in Frankrijk, Italië, Duitsland en Nederland. Maar de standaard schiet nog tekort: hij is ontworpen voor grote, monolithische applicaties, terwijl het landschap nu draait op REST API's, cross-organisationele data-uitwisseling en kleinere componenten. Tom riep op om publiccode.yml toe te voegen aan je repositories, een catalogus op te zetten en issues in te dienen. Dat is makkelijker geworden, want het team heeft een AI-skill uitgebracht die het bestand voor je genereert.

Valerio Como (Developer Italia) sloot hier mooi op aan met zijn werk aan de Public Code Editor, die de Italiaanse overheid gebruikt zodat ook niet-technische mensen eenvoudig een publiccode.yml kunnen maken. De uitdagingen waren herkenbaar: onboarding van nieuwe bijdragers, technische schuld wegwerken, betrouwbaarder releasen en het ontwikkelproces opschalen.

"Frank Terpstra en Valerio Como." Frank Terpstra en Valerio Como, die de Public Code Editor van Developer Italia toelichtte.

Digitale democratie

Twee talks gingen over open source-platformen voor digitale democratie.

Consul Democracy, toegelicht door Lucía Luzuriaga, ondersteunt participatieprocessen als consultaties, participatief begroten en gezamenlijk beleid maken, en wordt wereldwijd door overheden ingezet. Open source maakt transparantie mogelijk, maar brengt ook uitdagingen mee rond het onderhouden van bijdragen, governance en technische duurzaamheid. Lucía benadrukte waarom een sterke, internationale civic tech-community onmisbaar is.

Raoul Kramer vertelde het verhaal achter Polis, een open source participatieplatform dat gelijktijdige digitale discussies tussen duizenden mensen mogelijk maakt, met stellingen als vertrekpunt. Zijn talk ging over de weg naar een bruikbare tool: welke ontwerpkeuzes zijn nodig om Polis geschikt te maken voor de Nederlandse overheid? Aan het einde deelde hij het blijde nieuws dat Polis onder een nieuwe internationale samenwerking verdergaat: Voxit.

Open source-beheer in de praktijk

Tot slot bracht Thomas Steenbergen (OSSYN) zijn OSS Review Toolkit (ORT) voor het voetlicht. Het opzetten van open source-beheerprocessen is complex, met tientallen programmeertalen, build-tools en afleveringsmethoden, en commerciële tools sluiten zelden goed aan op wat Open Source Program Offices nodig hebben. Meerdere OSPO's bouwden daarom samen ORT. Thomas demonstreerde hoe het een volledige FOSS-review doorloopt: van het scannen van broncode op componenten, licenties en kwetsbaarheden, via het oplossen van issues, tot het genereren van attributiedocumenten en CycloneDX- en SPDX-SBOMs. Wie FOSS-beleid wil automatiseren via Policy as Code en reviewtijd wil besparen, heeft er een kant-en-klare oplossing aan.

Tot slot

Twee dagen FOST leverden een rijk palet aan inzichten op, van nationale strategieën en schemas tot digitale autonomie en democratie. Wat ons betreft was de rode draad helder: standaarden werken het best als ze het makkelijker maken om het goed te doen dan om het fout te doen. We kijken terug op een geslaagde editie en danken alle sprekers. Houd onze blog in de gaten voor de aangekondigde, uitgebreidere posts over schemas en bitemporaliteit!